top of page

Dagen 9 en 10: Laatste loodjes deel 1 van de rit en hoognodige rust

Dag 9- 25 april 2006: van de abdij van Sarrance naar St Jean-Pied-de-Port

Dag 10- 26 april 2006 bezoek aan Saint Jean-Pied-de-Port en voorbereidingen voor de Camino Francès


Na de intense rit over de Somportpas slapen we uitzonderlijk goed in de rust van de Norbertijnerabdij van Sarrance. De stilte, de eenvoud en het ritme van het klooster doen hun werk. De Norbertijnen — ook wel witte paters of premonstratenzers genoemd — leven volgens een eeuwenoude traditie van gastvrijheid en bezinning. Het voelt vertrouwd, bijna zoals in de Abdij van Park in Leuven.

Bij het ontbijt en nadien raken we nog in gesprek met enkele bewoners en vrijwilligers. De hospitalière, die na een carrière in de financiële wereld haar tijd wijdt aan zorg voor pelgrims, belichaamt perfect waar deze plek voor staat: eenvoud, dienstbaarheid en oprechte aandacht.


De glooiende heuvels met koeien, paarden en schapen


Vandaag wacht ons een stevige rit van zo’n 80 kilometer richting Saint Jean-Pied-de-Port. We kiezen voor een directe route door het Franse Baskenland, weg van de drukkere omwegen. Het landschap verandert merkbaar: de ruwe, besneeuwde toppen maken plaats voor glooiende groene heuvels, loofbossen en kabbelende rivieren. We rijden langs weilanden vol koeien, schapen en paarden — een levend schilderij.

In het kleine dorpje Arrets houden we halt in een eenvoudig café, uitgebaat door “Mike”, een man met een opmerkelijk levensverhaal. Ooit werkte hij illegaal in de Verenigde Staten, belandde zelfs een tijd in de gevangenis in Texas, en vond uiteindelijk zijn plek hier, in alle eenvoud. Het contrast kan moeilijk groter zijn. Wij houden het bij koffie; de lokale stamgasten beginnen hun dag met bier van… Affligem.



Onderweg worden we plots deel van een bijzonder schouwspel: de jaarlijkse transhumance. Honderden koeien worden, begeleid door boeren en hun families, naar de hogere zomerweiden gebracht. De klanken van koeienbellen vullen de vallei — een haast muzikale ervaring. We wachten geduldig tot de kuddes voorbij zijn; fietsen blijken voor de dieren eerder verontrustend.

Daarna kiezen we een smallere weg die ons over de Pic des Vautours en de berg Ahusquy leidt. Hier krijgen we een glimp van de gieren die hoog boven ons cirkelen, aangetrokken door de voederplaatsen in de natuur. Ze vervullen een belangrijke rol in het ecosysteem — opruimers van wat achterblijft.


Ontmoeting met Tof in de mist


De klim wordt zwaarder, de lucht grijzer. Mist en wolken beperken het zicht tot amper vijftig meter. Ik rij iets voorop, maar moet halverwege van batterij wisselen — gelukkig heb ik er twee bij.

Plots duikt uit de mist een motorrijder op. Hij stopt bezorgd en vraagt of alles in orde is. Zijn naam is Tof (Christophe), een kunstenaar met Vlaamse roots die in de streek woont. Hij schildert in een surrealistische stijl, geïnspireerd door grootheden als Dalí en Magritte. Een onverwachte, maar bijzondere ontmoeting — midden in de wolken.

De afdaling is lang en vraagt concentratie: smalle wegen, steile afgronden en wisselende zichtbaarheid. Tegen 17u30 bereiken we opnieuw de vallei en fietsen we de laatste kilometers naar Saint-Jean-Pied-de-Port.

Na een korte stop bij de supermarkt rijden we naar onze B&B net buiten het centrum, langs de historische Route Napoléon. Het verblijf is eenvoudig, maar we kunnen er koken en vinden er rust.


Dag 10 staat in het teken van rust en voorbereiding. We slapen uit, doen de was en maken alles klaar voor wat komt. De rustdag komt goed van pas: Bruno heeft al enkele dagen last van een achillespeesontsteking en ik heb gisteren bij het winkelen mijn hand gekwetst.


Saint Jean Pied-de-Port: de stadswallen, toegang tot de stad, de kerk


In de namiddag maken we nog een korte verkenning van Saint-Jean-Pied-de-Port, een charmant stadje met zijn typische rood-roze Baskische gevels. De gotische kerk, de oude stadsmuren en de Porte Saint-Jacques — waar generaties pelgrims de stad binnenkwamen — ademen geschiedenis. In de Rue d’Espagne lijkt de tijd stil te staan.

De stad draagt ook de sporen van militaire geschiedenis, met haar citadel die in de 17e eeuw werd versterkt door Vauban. Hier kruisen geschiedenis, cultuur en pelgrimstraditie elkaar op een unieke manier.


Samen genietend in Saint Jean-Pied-de-Port


’s Avonds ontmoeten we Bernadette en Ward. Samen genieten we van een gezellig etentje — een mooie afsluiter van deze dag én van mijn verjaardag. Zij brengen ons nadien terug naar onze B&B.


Morgen begint een nieuw hoofdstuk: de Camino Francés.

De klim naar Roncesvalles wacht — opnieuw een stevige uitdaging. Voor Bruno zit het avontuur er bijna op. Dankzij Ward geraakt hij morgen naar de luchthaven van Biarritz, vanwaar hij terug naar Londen en Oxford reist. We kijken terug op negentien prachtige dagen samen. Hij was niet alleen mijn reisgezel, maar ook mijn piloot, mijn gesprekspartner en mijn kleinzoon.

Ik zal hem missen.


Opmerkingen


© 2022 Rinus-Pinifonds

  • Facebook
  • Instagram
bottom of page