DAG 23 van ASTORGA tot PONFERRADA
- Magda Kirsch
- 12 mei
- 6 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 15 mei
DAG 23 - 9 mei 2026
We staan vroeg op om het weerbericht te checken en dat is niet zo positief. Er wordt opnieuw de gehele dag regen verwacht en we beslissen dan toch maar op tijd te vertrekken. We ontbijten in onze flat en rond 9 uur zijn we de deur uit… en het begint weer te regenen.
We rijden het rondpunt rond met het aandenken aan de Romeinse stad Asturica Augusta. Onze eindbestemming voor vandaag is Ponferrada, bekend voor zijn kasteel gebouwd door de Tempeliers. We rijden ook nog voorbij een goed voorbeeld van historische streetart dat uitlegt hoe de bewoners van Astorga het de Fransen moeilijk hebben gemaakt toen Napoleon er binnenviel.
Een beeld dat herinnert aan Asturica Augusta. de street art over het verzet tegen Napoleon en opnieuw op weg in de regen
Het eerste dorp dat we doorkruisen is Murias met een zeer schilderachtig kerkje toegewijd aan San Esteban of Stefanus, de eerste man die ter dood werd gestenigd voor zijn geloof; vandaar zijn populariteit. Dan gaat het verder naar het historische dorpje Castrillo de los Polvazares waar de mensen bijna eigenhandig alle oude huizen en straten vernieuwd hebben. Ook het kerkje kreeg er een mooie opknapbeurt. Bernadette merkt terecht op dat de bewoners van zo’n mooi dorp hun auto’s op een parking aan de rand van het dorpje zouden moeten zetten. Je kan geen foto nemen zonder dat er auto’s op staan en dat is spijtig.
De kerkjes van Murias, Castrillo de los Palvazares, de ingang van Santa Catalina
Daarna rijden we door naar het dorpje Santa Catalina met aan de ingang een monument als aandenken aan deze oude dorpspoort plus op de achtergrond het kerkje van het dorp. De omgeving wordt ruwer en mooier. De heuvels worden hoger en er is meer vee, vooral koeien. Er worden praktisch geen graangewassen meer geteeld hier, behalve soms maïs voor de dieren. We zien veel bloeiende struiken zoals brem en wilde paarse, lekker ruikende lavendel.
Langs de weg verkoopt een oude man enerzijds kleine halsbandjes met een schelp en anderzijds mooie gepolijste wandelstokken voor vermoeide pelgrims. Waarschijnlijk een mooie bijverdienste voor hem. Twee Amerikaanse pelgrims uit Georgia en Louisiana kopen iets van hem. Veel Amerikanen komen naar de Camino omdat het een trail is met alle voorzieningen om te eten en te slapen; alles is er redelijk goedkoop, nergens is het echt gevaarlijk en het is safe voor vrouwen, ook als je op een slaapzaal logeert met mannen en vrouwen door elkaar.
Het wijzigende landschap
Tenslotte zeggen verschillende Amerikanen dat ze blij zijn even weg te zijn uit het land waar Trump de plak zwaait en zichzelf en vele Amerikanen belachelijk maakt. Ze hopen dat hij zo vlug mogelijk verdwijnt en dat een opvolger de schade die hij heeft aangericht kan rechtzetten. Sommigen durven bijna niet te spreken want in verschillende gevallen kan men spreken van een jacht op dissidenten in de USA. Waar is de democratie gebleven die vroeger in de USA bestond?
Langs het dorpje El Ganso en Rabanal del Camino, twee bergdorpjes waar de huizen opgetrokken zijn uit zware stukken bruinrode en okerkleurige rotsen en waarin leien daken en hout verwerkt zijn, rijden we in de papdikke mist en regen naar de top van de Puerto de Foncebadón op 1500 meter.

Rabanal del Camino
Onderweg komen we Diego tegen, een Mexicaan van 24 jaar oud uit Mexico-Stad waar 33 miljoen mensen wonen. Hij is textielingenieur en heeft voor zijn vertrek naar Spanje met zijn eigen naaimachine stoffen stickers gemaakt die je op kleding kunt bevestigen. Bernadette en ik krijgen er elk één, wat we superfijn vinden. We bedanken hem hartelijk maar kunnen hem niets teruggeven.
Misschien moeten we bij een volgende fietstocht kleine geschenkjes meenemen waarop informatie staat over het Rinus Pinifonds. Nu vertellen we over het fonds en zien mensen de affiche op mijn cargobike plus de QR-code, maar een klein geschenk of aandenken met info erop zou iets nuttigs kunnen zijn. Bernadette heeft al beloofd om over deze elementen na te denken en te zien wat aan pelgrimstochten per fiets kan verbeterd worden.
De Cruz de Ferro en omgeving
Vlak bij deze top staat de Cruz de Ferro, dat is een ijzeren kruis op een hoge paal. Veel pelgrims brengen van thuis steentjes mee waarop ze hun zorgen en lasten geschreven hebben of eventueel ook de naam van een geliefde die het moeilijk heeft. Ze laten die steentjes hier achter in de hoop dat de lasten en problemen lichter worden en dat sommigen zelfs genezen. Pelgrims moeten zonder zorgen in Santiago kunnen toekomen, maar velen willen ook hun zorgen aan Santiago zelf meedelen. Er komen jaarlijks zoveel steentjes of stenen bij dat de overheid geregeld een deel ervan moet laten wegscheppen.
Daarna begint een fikse afdaling naar Molinaseca, het laatste stadje voor Ponferrada. We komen voorbij de iglesia de Nuestra Señora de las Angustias of OLV van Smarten. Op de ingangsdeuren zijn ijzeren platen bevestigd om te verhinderen dat mensen stukjes hout van die deuren meenamen naar huis. De pelgrims geloofden dat dit hout miraculeuze of helende krachten had.
De brug en de kerk van Molinaseca, lunch op een bankje
Links en rechts van de toren zijn ook open galerijen bijgebouwd waarin de pelgrims eventueel kunnen slapen. Het dorpje zelf heeft mooie straatjes en typische huisjes met houten balkons en leien daken. Gezellige straatjes om in rond te wandelen. We lunchen op een bank bij de oude Romeinse brug onder mooi gesnoeide platanen zodat deze in de zomer veel schaduw geven als het superwarm is.
Na onze lunch dalen we nog 7 kilometer verder en komen we rond 14u30 aan in het stadje Ponferrada dat vooral gekend is om het grote kasteel van de Tempeliers, een orde van ridders die in het begin de tempel in Jeruzalem verdedigden maar geleidelijk aan ook de veiligheid op de pelgrimsroutes in Europa hielpen verzekeren.
Elke orde of groep had een verschillende verantwoordelijkheid: de Antonieten en de orde van de heilige Lazarus of Lazaristen zorgden voor de zieken, de Mercedariërs kochten christenen vrij die gevangen waren genomen door de moslims of Moren, de hospitaalridders van Sint-Jan of de Maltese ridders zorgden eveneens voor de zieken en, zoals de Tempeliers, ook voor de veiligheid van de pelgrims enzovoort. In elke stad of groot dorp was een hospitaal waar zieke pelgrims werden verzorgd of, als ze stierven, door hen werden begraven.
Ponferrada: de muren van het kasteel van de tempeliers, de gezellige straatjes en het stadhuis
We rijden rechtstreeks naar onze Hostal San Miguel waar Magda voor ons twee kleine maar mooie kamertjes heeft geboekt. Ik slaap meestal in slaapplaatsen met veel bedden en dit is een goede verpozing. We rusten eerst wat uit en rond 16 uur gaan we op stap naar het kasteel van de Tempeliers en de kathedraal Nuestra Señora de la Encina.
Het Tempelierskasteel werd vanaf de 12de eeuw opgebouwd gedurende enkele eeuwen en een groot deel bestaat nog, maar het is praktisch volledig leeg. Het vraagt een hele inspanning om alles te bezoeken. In het laatste deel is een boeiende tentoonstelling van facsimiles van incunabelen (handgeschreven en verluchte werken), zowel religieuze als andere zoals wetenschappelijke boeken.
Daarna bezoeken we de basiliek van de Encina of de eik. De naam verwijst naar het feit dat een beeld van Maria werd teruggevonden in een eik waar het verstopt werd toen de Saracenen of Moren het gebied rond Ponferrada innamen. Met de bouw van de basiliek werd begonnen in het laatste kwart van de 17de eeuw en het duurde tot het einde van die eeuw voor de basiliek af was. Binnenin staat een mooi barok altaar met veel taferelen uit het Nieuwe Testament maar ook met een verwijzing naar de orde van de Tempeliers.
Na deze bezoeken gaan we in een bistro een eenvoudige maaltijd – een tostada met kaas, noten en honing – eten want een echte maaltijd kunnen we pas vanaf 20 uur krijgen en zolang willen we niet wachten omdat we op tijd onder de lakens willen kruipen.
We wandelen terug naar onze Hostal San Miguel en ik lig na enkele minuten al vast te slapen in mijn bed. We hopen dat het morgen beter wordt en dat we vooral niet veel regen hebben. Morgen hebben we nog een moeilijke dag met twee zware cols: die van O Cebreiro (1320 m) en daarna die van Alto do Poio (1350 m), vlak bij het beeld van de heilige Rochus.









































Opmerkingen