top of page

Dag 1, 17 april: Een moeilijk vertrek

Bijgewerkt op: 21 apr



Vandaag zijn we – Bruno en ik (opi) – vertrokken vanuit ons huisje in de Corbières, niet ver van Lagrasse. Met Peter achter het stuur reden we richting Pamiers, waar onze fietstocht echt zou beginnen. Bruno was om professionele redenen twee dagen later toegekomen dan voorzien, waardoor we onze oorspronkelijke plannen wat moesten aanpassen.

Aanvankelijk wilden we vanuit ons huisje een groot deel van de Via Piemonte fietsen, via Fanjeaux – de bakermat van de Dominicanen – en verder langs Mirepoix en Pamiers. Deze laatste steden zijn gekend om hun typische bastidestructuur: een rechthoekig stratenplan rond een centraal plein, met overdekte galerijen die voor schaduw en verkoeling zorgen.

Vanuit St-Lizier was het plan om via de Col de Portet d’Aspet de Pyreneeën over te steken en vervolgens via de vallei van de Boí – met haar negen prachtige Lombardische pre-romaanse kerkjes – de Via Catalan te bereiken. Deze historische pelgrimsweg werd in de middeleeuwen gebruikt door Catalaanse pelgrims op weg naar Santiago. Vanaf El Pont de Suert zouden we deze route volgen tot in Jaca, om daarna via de Via Tolosana en de Col de Somport opnieuw de Pyreneeën over te steken richting St-Jean-Pied-de-Port.


Het vertrek

Bruno fietst dit eerste deel met mij mee, goed voor ongeveer 750 kilometer. Daar wachten Bernadette en Ward ons op, zodat we vanaf 27 april samen de Camino Francés kunnen afleggen, nog eens zo’n 900 à 1000 kilometer. Ward zorgt onderweg voor logistieke ondersteuning – wat geen overbodige luxe is, zeker nu ik tijdens deze tocht de kaap van 80 jaar rond. Oma is alvast gerust: mocht ik plots Alzheimer krijgen en de verkeerde kant uit fietsen (wat ik nu af en toe al doe), dan is er hulp in de buurt.

Maar eerst dus: Pamiers. Peter bracht ons er rechtstreeks naartoe (ongeveer 120 km), en rond 15 uur konden we eindelijk de fietsen uitladen en vertrekken voor onze vijfde pelgrimstocht naar Santiago, ten voordele van het Rinus Pinifonds. Het was een drukke ochtend geweest: Bruno was pas de avond voordien geland, en zijn fiets moest nog gemonteerd worden na de vlucht. Daarnaast hadden we ook nog proviand voorbereid: pasta voor de nodige energie, bananen, water en proteïnerepen.

Bruno had de route zorgvuldig uitgestippeld en stelde voor om een mooie, rustige weg te volgen door een natuurgebied richting St-Lizier, onze eerste eindbestemming. Slechts 50 kilometer – een ideale opwarmer, dachten we – en we zouden rond 18 uur aankomen.

De rit begon prachtig. We fietsten door glooiende heuvels, met in de verte de Pyreneeën en hun besneeuwde toppen, badend in de zon. Maar plots hield onze idyllische groene weg op… midden in de velden. Al snel bleek dat we op onze allereerste dag al verkeerd waren gereden – goed voor een omweg van 15 kilometer. De boosdoener: een lichtjes ontspoorde Google Maps.


Op weg naar St. Lizier met in de verte de Pyreneeën


Gelukkig bracht een behulpzame lokale jongeman met kennis van de streek ons weer op het juiste spoor. En met een flinke dosis doorzettingsvermogen (en Bruno’s “wetenschappelijke creativiteit”) bereikten we uiteindelijk om 19u30 toch St-Lizier. In plaats van 50 kilometer hadden we er 80 gefietst – meteen een stevige eerste test.


Ons verblijf bleek echter een schot in de roos. Magda had een appartementje geregeld in een voormalig middeleeuws bisschoppelijk paleis, prachtig gelegen op een heuvel naast de kathedraal, met uitzicht op de Pyreneeën. Het gebouw is volledig gerenoveerd en voorzien van alle modern comfort – en dat voor een zeer schappelijke prijs. Na de moeilijkheden onderweg was dit een meer dan verdiende beloning.


Kerk van Montjoie-en-Couserans, St. Lizier: de kathedraal


Bruno sprong nog snel op de fiets voor wat inkopen in een Aldi die tot 20 uur open was, en rond 21 uur zaten we gezellig samen aan een bord pasta. Niet veel later kropen we onder de wol, want die 80 kilometer voelden we goed in de benen.

De nacht bracht nog een kleine uitdaging: hevige krampen, waarschijnlijk door de onverwachte extra inspanning. Gelukkig wist Bruno raad – met een portie zoute chips. Moraal van het verhaal: wie veel zweet, moet ook zijn zoutvoorraad aanvullen.

Kortom: een dag met ups en downs, maar vooral een veelbelovende start. Morgen wacht ons het echte werk: dwars door de Pyreneeën, richting Lès (bij Bossòst).


Kathedraal en bisschoppelijk paleis van St-Lizier

Opmerkingen


© 2022 Rinus-Pinifonds

  • Facebook
  • Instagram
bottom of page